Persoonlijk,  Psychologie

Het taboe van psychische kwetsbaarheid

We vragen massaal aan elkaar hoe het gaat. we geven massaal een onrealistisch antwoord. Het gaat altijd goed, we zijn altijd druk, of het kan altijd iets beter. Waar is de realistische kijk en willen we die eigenlijk ook wel echt horen?

Vaak vragen mensen uit een soort beleefdheidsvorm hoe het met je gaat, belachelijk eigenlijk. Als het je eigenlijk niet oprecht interesseert, wat maakt dan dat je toch de ‘alles goed’ vraag de wereld in slingert. En is het je wel eens opgevallen hoe snel er van onderwerp wordt gewisseld als je eens iets kwetsbaars zegt? Als je benoemd dat het even niet goed gaat. Dat je ergens mee zit. Spontaan hebben deze mensen haast, spontaan is er een ander onderwerp, of komt alles uit eindelijk echt wel goed. 

Waarom vertellen we eigenlijk zo zelden hoe het echt met ons gaat, waar we mee worstelen, wat ons ‘s nachts wakker houdt. Waarom mag ik vertellen over alle leuke momenten, deel ik de pleziertjes maar vermijd ik het echte contact.

Nog erger vind ik het taboe op mentale gezondheid. Mensen die geen idee hebben hoe iets in elkaar zit die toch een sterke mening vormen. Zo heeft mijn moeder al verschillende keren gehoord dat ze mij gewoon een schop onder mijn kont moet geven, dat ze mij moet dwingen om aan het werk te gaan. Dan is die burn-out zo over. Dat mijn moeder mij te veel ruimte geeft om ziek te zijn, terwijl ik niks mankeer.  Pijnlijk, maar ook een harde weergave van hoe de mens veelal denkt. 

Dat wanneer iemand in mijn omgeving aangeeft zich depressief te voelen er een reactie volgt waar nog mijn nekharen van overeind gaan. “be a man, dan is die depressie zo over.”  Waarom denken zoveel mensen dat het zwak is om mentaal iets te mankeren. Waarom wordt die zogenaamde zwakte dan ook nog meer goed gekeurd wanneer je vrouw bent. Wat zorgt er voor dat we massaal rekening willen houden met iemand in een rolstoel, maar wanneer iemand psychisch iets mankeert we allemaal onze ogen sluiten.

Je bent nog net zoveel man als je depressief bent, je bent nog net zoveel mens als je een stapje terug moet. Je verdiend nog net zoveel liefde wanneer je opgenomen moet worden. Naar een ziekenhuis gaan we massaal, bloemen onder de arm en even de zieke een hart onder de riem steken. Maar wanneer iemand opgenomen is voor psychische problemen is het opeens dood eng, blijven we weg. Noemen we iemand gek. 

Ik ben niet gek, ik ben niet minder waard, ik ben een mens die soms even een stukje ondersteuning kan krijgen. Net als ieder ander. Ik ben alleen zo dusdanig klaar met het sugarcoaten, het weg moffelen en het ontkennen van het probleem. 

Ik ben psychisch kwetsbaar, ik volg therapie, ik doe alles wat in mijn macht staat om verandering te brengen in dat wat een groot deel van de bevolking onderuit blijft schoppen. De kracht van psychische kwetsbaarheid. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *